Blog

/Blog
Blog2017-07-05T16:10:56+02:00
2006, 2019

Der Greif

juni 20th, 2019|0 Comments

To which category my self-portraits belong do you think?
Shop Der Greif Online Issue 12
Issue 12 in which my work will be featured is now available for preorder!
As guest editors of issue 12 of DER GREIF, Adam Broomberg and Oliver Chanarin sent out a call for images that are too private, too quiet, too violent, too political, too subversive or too explicit to share online. They received an avalanche of submissions. Faced with a daunting task of editing the material they turned to a disgruntled former facebook employee who will remain anonymous. Read more below.

906, 2019

Eens een kind, altijd een kind

juni 9th, 2019|5 Comments

Mijn telefoon bromt in mijn rugzak. Ik ben net te laat met opnemen en probeer mijn vader snel terug te bellen. Voor ik zijn nummer heb kunnen kiezen, belt hij zelf weer.
‘Ben je al ver weg? Je hebt jouw tas vergeten,’ zegt hij.
‘Oh, ik kom gauw terug!’
Zojuist, voor ik vertrok, keek ik zijn kamer rond met het gevoel dat ik iets vergat, maar ik wist niet wat. De tas dus, waarin ik voor hem briefpapier, enveloppen en postzegels had meegebracht.

Als ik op de eerste verdieping uit de lift stap, zie ik hem in de verte al zitten. De rolstoel halverwege zijn deur geparkeerd. Hij leunt voorover met mijn tas in zijn handen, zodat hij me aan kan zien komen lopen.
‘Ik wist niet of het belangrijk was,’ zegt hij. Aan zijn ogen en gezicht te zien, wil hij me nog meer vertellen. Ik hurk aan zijn voeten. Hij kijkt blij.
‘Gaat het wel goed met jouw lief, is hij gezond?’, vraagt hij bezorgd. Ik verzeker hem dat hij zich daarover geen zorgen hoeft te maken.
‘Ik heb je altijd begrepen,’ zegt hij, terwijl hij naar voren leunt, waardoor we elkaar diep in de ogen kunnen kijken. Ik pak zijn hand en houd deze tegen mijn wang.
‘Anderen vergeten vaak dat je meer dan vijftien jaar een heel moeilijk leven hebt gehad en dat je dat allemaal nog moet verwerken.’

Tranen wellen op. Ik knik instemmend, want ik kan niet praten. Iemand die het zelf niet heeft meegemaakt, zal nooit helemaal kunnen bevatten hoe het is om als ouder van drie kinderen er op alle fronten alleen voor te staan. De constante zorg. Het enorme verdriet en de machteloosheid die je voelt als je met een lege portemonnee tijdens sinterklaastijd in de winkel staat. Telkens angst op het moment dat de vaste lasten worden afgeschreven. Maar vooral de beperkte ruimte om jezelf als mens verder te ontwikkelen dan alleen als moeder. Tegen mijn beste vriendin zei ik wel eens, dat ik lachend ten onder zou gaan. Tot dusver ben ik nergens aan ten onder gegaan en ik lach nog steeds. Mijn kinderen doen het goed en maken me trots.

De tranen worden niet veroorzaakt door verdriet om het verleden, maar door ontroering dankzij de liefde van mijn vader voor mij. De beeldmaker in mij betreurt het dat ik dit moment niet kan vastleggen. Maar waarom zou ik het vastleggen op foto of film? Het is iets tussen mijn vader en mij, wat voor altijd op mijn netvlies staat gebrand. Hetgeen wij nu samen beleven, is voor ons tweetjes van onschatbare waarde. Vermoedelijk het langst voor mij.

‘Ik denk soms dat ik je te weinig aandacht heb gegeven,’ zegt papa. Die zorg heeft hij al eerder tegenover me uitgesproken.
‘Je hebt me genoeg aandacht geschonken,’ verzeker ik hem en ik haal herinneringen op aan de avonden dat hij en ik alleen thuis waren. Mijn broer was al het huis uit en mijn moeder bezocht gedurende geruime tijd elke avond haar moeder – mijn oma – in het verzorgingshuis. Papa en ik keken na de afwas samen televisie.

‘Met die vier cowboys,’ zegt mijn vader.
‘Ook die malle Nederlandse serie waarbij een deftige mevrouw zei: ‘Ik ben er helemaal confuus van’, terwijl ze achterwaarts in een doos viel.’ Mijn vader lacht. Hij weet het nog.
‘Toen ik klein was ging je ook wel eens met me fietsen, tegen het invallen van de avond,’ vertel ik.
‘Ik was heel erg blij dat we op het laatst die konijntjes nog zagen weg glippen, waardoor de fietstocht was geslaagd,’ zegt mijn vader.

Wanneer ik uit gehurkte positie omhoog kom, wrijf ik over mijn stramme benen. Mijn vader en ik lachen samen. Ook al ben ik vierenvijftig jaar, ik ben nog altijd zijn kind. Onvermoeibaar schenkt hij me aandacht, liefde en regelmatig een dosis wijze woorden.

Ik druk zijn hand nogmaals stevig tegen mijn gezicht en geef mijn vader een kus. ‘Ik hou van jou.’
Hij spreidt zijn armen en houdt me stevig vast alvorens me te laten gaan.

2405, 2019

Tralala

mei 24th, 2019|0 Comments

Vandaag ben ik in het net
Bij mijn schoonmama
Ik maak een pirouette
En zing van ‘tralala’

Mama zegt heel blij
– Met een lach om haar mond –
‘Ze lijkt precies op mij!’
En ik draai nog eens rond

505, 2019

Schitterend moederdagcadeau. Wie biedt? Vanaf 50 euro

mei 5th, 2019|0 Comments

Een bevalling is als een bevrijding. Loslaten lukt desalniettemin nooit echt. Hoeft ook niet. De juiste dosering moederliefde is niet eenvoudig. Te veel, te weinig, voldoende…. Het blijft mensenwerk.

Bieden kan t/m 9 mei a.s. op een foto in museumkwaliteit met daarop Risja Steeghs en haar moeder El Steeghs met de titel: ‘Loving caretaker’. Risja werd grotendeels door haar ouders verzorgd toen ze leed aan de ziekte van Lyme. Dit liefdevolle proces werd door mij in de vorm van foto’s vastgelegd. Er ontstonden een reizende tentoonstelling en een boek: ‘Risja, a story by Lilith’. Een stichting werd opgericht om geld in te zamelen voor meer en beter onderzoek naar de ziekte van Lyme o.a. door middel van verkoop van dit boek. Inmiddels is deze stichting opgeheven. De tentoonstellingsfoto’s doe ik van de hand. Een soort bevrijding voor mij van dit project waarin ik misschien wel té intensief ben opgegaan. Ook daar was de juiste dosering lastig voor iemand die graag en veel geeft.

Afm. foto 60×90 cm, kwaliteit Diasec, voorzien van ophangrails aan achterzijde. Ophalen in Amstelveen. Of elders in overleg. Bieden kan via mijn e-mailadres info@lilithlove.eu

Loving caretaker

 

1104, 2019

Rode bietjes

april 11th, 2019|2 Comments

Afgelopen week kreeg ik elke dag opnieuw een klap in mijn gezicht. Telkens ontving ik teleurstellende berichten. Wat een snertzooi. Ik was er werkelijk depressief van. Waar gaat deze constante strijd eigenlijk over? Ik refereer hierbij aan mijn werk. Ik fotografeer en creëer met veel passie, maar om ervan te kunnen leven… poeh. En om erkenning te krijgen van de juiste personen – niet zozeer vanwege de erkenning zelf, maar om de kost te kunnen verdienen – is niet makkelijk. Ik ben het af en toe zo ontzettend beu allemaal. Dat geleur met mijn werk en mezelf. Wat stelt het geworstel bovendien allemaal voor op grote schaal?

We gingen gisteren op bezoek bij mijn schoonmoeder. Ze dementeert een beetje. Zodra ze me binnen zag komen, veerde ze op van de bank. Ze is nog redelijk kwiek, zeker voor haar leeftijd, maar dit was een wel erg lenige sprong. Ze stak beide armen in de lucht en riep blij: ‘Ik heb iets voor jou.’ Ze snelde naar de keuken, opende de koelkast en haalde er een bakje rauwkost uit. Ze overhandigde het me trots en vertelde dat het verzorgend personeel vreemd had opgekeken toen ze het bakje confisqueerde. ‘Normaal hoef je dat toch nooit,’ hadden ze gezegd. ‘Dat is voor mijn schoondochter,’ had ze geantwoord, ‘die vindt dat lekker.’
En dat klopt. Het was een salade van kleingesneden rode bietjes. Slechts één keer eerder had ik die in haar bijzijn gedeeltelijk opgepeuzeld. Schoonmoeder houdt niet van eten en heeft er nooit van gehouden. Ze krijgt altijd te veel geserveerd. Soms eten we samen in de bistro. Ik heb haar een tijd geleden geholpen met het wegwerken van de rode bietjes. Mijn ‘handicap’ is dat ik bijna alles lust. Ik noemde vroeger mijn eigen moeder wel eens plagend ‘container-Gonny’. Ze lustte ook bijna alles. Tegenwoordig ben ik zelf die container.

Ik stond echt versteld gisteren. Dat ze zich dát nog wist te herinneren, terwijl haar geheugen regelmatig verstek laat gaan. Ik was er zeer door ontroerd. Het was zo lief van haar. Ik ben pas een aantal jaren in haar leven. Ik mocht haar zoon ‘hebben’ als ik goed voor hem zou zorgen. Daarop heb ik volmondig ‘ja’ geantwoord. We lachen er samen vaak om. Dan zegt ze: ‘Je weet wat ik je heb gezegd.’ Soms met een vingertje in de lucht. ‘Jazeker, ik mocht uw zoon hebben mits ik goed voor hem zou zorgen,’ antwoord ik dan. Vervolgens verhaal ik in geuren en kleuren over mijn heldendaden, zoals het gezonde ontbijt op bed dat ik dagelijks voor hem maak. Dan weet ze dat ik mijn belofte nakom. Alhoewel ze daarvoor eigenlijk alleen maar naar haar zoon hoeft te kijken.

Zo’n bakje rauwkostsalade van mijn lieve schoonmoeder die zich niet alles meer kan herinneren, is zoveel belangrijker dan al die snertberichten van afgelopen week. Daar draait het wat mij betreft om in het leven. De kleine liefdevolle dingen. Attent zijn voor elkaar. Mijn vaders soep noemde ik altijd vloeibare liefde, omdat hij die voor me kookte als hij wist dat ik zou komen. Rode bietjes van mijn schoonmoeder zijn voortaan in mijn beleving ook een equivalent van liefde. Ze hebben een toepasselijke kleur bovendien. 

Mede dankzij die rauwkostsalade en mijn innerlijke veerkracht heb ik me vandaag met frisse moed opnieuw in de strijd om het bestaan geworpen. Meteen ontving ik via mail een teleurstellend bericht. (Dat was toeval.) Toen ik het las dacht ik bij mezelf: Screw you met je attitude. Vervolgens: Rode bietjes. En ik lachte erbij.

Potshot (self-portrait)

904, 2019

De man van twee soepen

april 9th, 2019|4 Comments

‘Zal ik even in het restaurant een kop soep voor je halen?’, bied ik aan als mijn vader ontdekt dat hij heeft vergeten soep aan te kruisen op het menu. Hierdoor kreeg hij alleen hoofdgerecht en toetje op zijn kamer geserveerd.

‘Neenee’, zegt hij, ‘iedereen kan een fout maken. Ik druk op de knop.’ Hij voegt de daad bij het woord. Al gauw komt een verzorgster binnen. Hij legt uit dat hij het formulier niet volledig heeft ingevuld en dat daardoor zijn kop soep aan het menu ontbreekt. De verzorgster vraagt of hij uiensoep of bouillon wil. Mijn vaders antwoord verrast me. Hij maakt nog geen jaar gebruik van de maaltijdservice. Tot die tijd kookte hij zelf elke dag een driegangenmaaltijd inclusief soep. De laatste jaren heeft hij, voor zover ik weet, alleen tomatensoep en zondagse soep gekookt en gegeten. Ik heb wel eens verteld dat hij soep voor me maakte als hij wist dat ik zou komen. Ik omschreef het als vloeibare liefde. De verzorgster keert binnen een minuut terug met de door hem gewenste uiensoep.

Dat moest mijn (overleden) moeder eens weten! Vroeger kreeg hij last van zijn buik bij te veel uien of knoflook in het eten. Ook van olijfolie. We dachten dat hij zich aanstelde – overdrijvende-mannen-weet-je-wel – en hebben het stiekem getest. Hij kreeg dus echt problemen van olijfolie. Onze test had dat onomstotelijk bewezen.

‘Ik moet niet vergeten de soep aan te kruisen voor komende week’, zegt hij voordat hij ‘toehapt’.

‘Zal ik vast beginnen te kruisen?’, stel ik voor. Zomaar, omdat ik dat leuk vind, niet omdat hij het zelf niet kan. Elke dag zijn er twee keuzemogelijkheden. Bouillon is telkens één daarvan. Die neemt hij nooit. Wel de variant zoals courgettesoep, bloemkoolsoep enzovoorts. Ik sla steil achterover.

Een tijdje geleden waren we ook rond etenstijd bij mijn vader. Aangezien ik van eten houd, informeerde ik nieuwsgierig naar wat hij kreeg. ‘Gewoon, poestasoep,’ antwoordde hij achteloos. Ik heb er hartelijk om gelachen. Wat is poestasoep? Ik neem aan dat het Hongaarse goulashsoep is. Maar dat woordje ‘gewoon’ ervoor, nonchalant uitgesproken door mijn vader. De man van jarenlang slechts twee soepen. Hij verraste me een andere keer met de mededeling dat hij erg had genoten van bami met babi pangang. Die had hij ongetwijfeld voor het eerst in zijn leven voorgeschoteld gekregen.

Hij tilt de kalkoenfilet met zijn vork op en zegt: ‘Dat ziet er toch prima uit. Het is wel erg veel.’

Hij eet met smaak en kauwt goed met ongeveer de helft van zijn oorspronkelijk gebit. Tijdens het eten ben ik stil, zodat hij zich kan concentreren op de maaltijd. Het toetje zet ik op zijn verzoek in de koelkast tot morgenochtend. Hij verdeelt alles. Pudding in de ochtend bevalt hem beter dan in de middag. Zo’n oude buik heeft een extra gebruiksaanwijzing.

Na het eten trekt hij de menu’s voor volgende week naar zich toe. Af en toe vraagt hij advies. Normaal gesproken vult hij alles in z’n eentje in en dat gaat doorgaans prima.

Ik geniet van mijn vaders enthousiasme. Sommige mensen vinden het moeilijk zich aan te passen aan gewijzigde (leef)omstandigheden. Mijn vader staat z’n mannetje en is daardoor een groot voorbeeld. Ook al kookte hij jarenlang met plezier zelf, toch vult hij nu met voorpret de menulijsten voor komende week in. Na het invullen volgt een dubbelcheck. Dit alles zonder leesbril. Hierna neem ik afscheid van hem. In mijn zak twee peren. Hij gaf ze mee voor het ontbijt van mijn lief. De peren vond hij te hard voor zijn tanden. Maar eerst vertelde hij nog over een juttepeertje dat hij vroeger vernuftig met een stok onder de heg door had willen kapen, totdat zijn vader eraan kwam en het hem verbood. Zijn ogen twinkelden bij de herinnering. Dan gaat hij voldaan rusten.


804, 2019

Speciale aanbieding! Twee voor de prijs van één.

april 8th, 2019|0 Comments

Wil je me inhuren voor een maand tegen een maandsalaris van € 2.650,00 inc. btw? Ik maak dan voor jou een dagboek over de maand mei 2019 uit mijn leven. Handgeschreven teksten, splinternieuwe zelfportretten, andere foto’s… In totaal ca. 180 pagina’s. Maar je krijgt mei 2018 erbij! Ik ben vorig jaar april met schrijven gestopt vanwege te drukke werkzaamheden. Met de hand schrijven is meer werk dan ik had verwacht. Ik moet het dagboek over mei 2018 dus nog schrijven en plakken. Het materiaal is verzameld, de foto’s en zelfportretten zijn reeds afgedrukt. Aan mei 2019 moet ik vanzelfsprekend nog beginnen.
Wat beweegt me en hoe beweeg ik me? Je komt het allemaal te weten als je me inhuurt voor de maand mei 2019. En ook wat me bewoog in mei 2018. Mail voor meer informatie naar: info@lilithlove.eu 
1503, 2019

Op weg

maart 15th, 2019|3 Comments

In mijn gedachten zit ik in een trein naar een ver land. In werkelijkheid lig ik in bad. Oftewel, ik bevind me in het warme water van de baarmoeder. Af en toe komt er een app op mijn telefoon binnen van mijn oudste dochter die echt in de trein zit. Liever gezegd, die bepakt en bezakt met een Hollandse fiets aan de hand van de ene naar de andere trein holt om te verhuizen naar een ver, ver land. Ver weg van mij.

In mijn hoofd reis ik met haar mee. Al vanaf haar geboorte. ‘Partus’, bevalling, verlossing, ‘partir’, vertrekken. Zodra een kind wordt geboren, vertrekt het alweer. Als de navelstreng wordt doorgeknipt, wordt het afscheid in werking gesteld. Eerst liep mijn dochter nog aan mijn hand. Daarna helemaal zelfstandig. Eerst fietste ze met een beschermende hand op haar rug. Toen reed ze dagelijks alleen ruim tien kilometer naar de middelbare school. Vervolgens reisde ze per trein naar de universiteit. Daarna ging ze op kamers wonen. We doorliepen samen deze fasen op weg naar verzelfstandiging.

Kinderen vliegen uit. De wijde wereld in. Zo hoort dat. Toch voelt het op dit moment alsof een stuk van mijn lijf wordt afgesneden. Of misschien – beter gezegd – voelt het opnieuw als een bevalling zo in het warme badwater. Ze gaat nu immers erg ver weg wonen. Ik ben blij dat ze zo zelfstandig is, dat ze haar vleugels durft uit te slaan. We zijn beiden best goed in loslaten. Ik vermoed dat dit komt doordat we toch wel van elkaar weten dat we er zijn. We hebben elkaar wel en niet nodig.

Inmiddels heeft ze een paar overstappen achter de rug. En een vertraging, bijgevolg een omboeking van de reis. De fiets mag nog steeds mee. Dat is niet altijd zo. Alleen als er voldoende plaats is. Dus ze heeft geluk. Een aardige conducteur die haar met alle spullen zag rennen, floot expres een beetje later, zodat ze de trein nog net kon halen.
De meeste Duitse treinen schijnen een grotere gaping tussen deur en perron te hebben dan de Nederlandse. Als kind vond ik het mega-eng om er overheen te stappen. Zij ook, laat ze me weten via app. Toch stapt ze vandaag onbevreesd over diverse grote kloven op weg naar een nieuw land. Hoe symbolisch eigenlijk.

Even wordt het me te veel. Ik sla mijn handen voor mijn gezicht. Er vloeien tranen over mijn warme wangen. Daarna vermengen ze zich met badwater. Niemand die het merkt. Vierentwintig jaar geleden, bij de bevalling, heb ik geen traan gelaten. Misschien omdat ik wist, dat het echte afscheid nog een tijd op zich zou laten wachten. Ik wist dat ik haar voorlopig van nabij kon overladen met liefde. Over een aantal uren zal ze arriveren op de plaats van bestemming. Althans, een voorlopige bestemming, want wie weet reist ze ooit verder of komt ze weer terug. Ik denk niet dat ze er voor eeuwig blijft wonen. Wie zal het zeggen?

Mijn oudste kind: ik ben trots op jou en ik hou van jou. In de toekomst reis ik in gedachte in dat verre land samen met jou. Misschien vind je dat niet nodig, maar ik kan het niet laten, ik ben nu eenmaal jouw mama. Dit is gewoon een nieuwe fase. In gedachte overlaad ik je van een afstand met liefde. We hebben nog niet definitief afscheid hoeven nemen. Ik hoop dat je gelukkig bent.

1203, 2019

Objectief waarnemen is onmogelijk

maart 12th, 2019|0 Comments

Drie van mijn zelfportretten werden onlangs genomineerd bij de 12th International Color Awards en wel ‘Doing the laundry’ in de categorie Fine Art, ‘Libertad’ in de categorie Nude en ‘Fishy’ heel verrassend in de categorie Abstract. Ik had ‘Fishy’ ingediend bij de categorie Portret, maar de organisatie vond hoofd-met-vis-in-zak blijkbaar abstract. Een vierde inzending heeft niets gemaakt, terwijl ik die foto steengoed vind. Een Griekse kunstverzamelaar ook, want die heeft hem onlangs aan zijn collectie toegevoegd en een eerste exemplaar ervan zit al jarenlang in de bedrijfscollectie van A.S.R.-verzekeringen.

Ik houd niet van wedstrijden. Waarom doe ik dan mee? Ik hoop op PR en bijgevolg naamsbekendheid, want die heb je als kunstenaar nodig om werk te kunnen verkopen. Een wedstrijd is een soort van etalage. En ook omdat mensen soms ervan overtuigd willen worden dat iets kunst is alvorens ze tot aankoop overgaan. Een opleiding wil wel eens helpen. Als je zegt dat je de kunstacademie hebt gedaan, denken ze vaak dat je een ‘echte’ kunstenaar bent, terwijl dat niet zo hoeft te zijn. Als je een fotovakopleiding hebt afgerond, wordt verondersteld dat je een ‘echte’ fotograaf bent en dat hoeft evenmin zo te zijn. Als je prijzen wint, dan krijgt jouw werk erkenning en is men eerder geneigd te denken dat aankoop ervan wel een verantwoorde investering in kunst zal zijn. Er komt behoorlijk wat psychologie bij kijken.

Ik ontbeer elke opleiding op kunst- dan wel fotografiegebied. Een extra reden dus om incidenteel aan een wedstrijd mee te doen. Ik weet dat talent van binnen zit. Dit kun je niet leren. Je kunt op een opleiding wel technieken leren om je creativiteit om te zetten in iets tastbaars. Als je gedreven bent en over doorzettingsvermogen beschikt, kun je een heleboel leren door goed te kijken naar wat ontstaat als je iets maakt. Zelfs zonder opleiding.

De uitslag van een fotografiewedstrijd houdt voor mij zelden of nooit een waardeoordeel in, want ik ben ervan overtuigd dat objectief waarnemen onmogelijk is. Als ik win, voel ik me desondanks anders dan wanneer ik verlies. Daar ben ik heel eerlijk in.

Volgens promovenda Maartje de Jong van de Universiteit Utrecht is het onmogelijk om een objectief beeld van de werkelijkheid te vormen. Ze kwam onder meer tot die conclusie door metingen te verrichten via elektrodes binnen in de schedel van mensen. In sensorische hersengebieden wordt nieuwe informatie van je ogen namelijk verwerkt, en meteen gecombineerd met bestaande informatie. “Tijdens dit proces is er veel rivaliteit tussen hersencellen. Welke cellen winnen, hangt af van wat je ogen registreren, maar ook van informatie die al in je brein zit. Die combinatie bepaalt uiteindelijk jouw perceptie”, aldus De Jong. In de sensorische gebieden waar verwerkt wordt wat je ziet, is een constant gevecht gaande tussen hersencellen. En ze maken zonder inmenging van andere hersengebieden uit welke interpretatie als winnaar uit de bus komt. Wat je waarneemt is dus nooit 1-op-1 wat je ogen je vertellen. (Bron: Proefschrift Maartje de Jong: Neural mechanisms underlying temporal modulation of visual perception.)

Dit is een technische uitleg. Kunst heeft bovendien alles met gevoel te maken. Er wordt niet voor niets gezegd ‘schoonheid is in het oog van toeschouwer’. Aan dat oog zijn hersenen, geheugen, ervaring, gevoel, remmingen, levenswijsheid enzovoorts gekoppeld. In mijn beleving bestaat er geen objectieve jury. Als we naar iets kijken en dit beoordelen, speelt ons verleden mee. Per dag, per gemoedsstemming, kan een oordeel verschillen.

Ik ben dankbaar voor elke nominatie en prijs die ik ontving. Ooit zijn mijn werk en ik daardoor voor het eerst in de krant verschenen (nog steeds veel dank aan Peter Janssen DDL). Dit had een sneeuwbaleffect waaruit veel goeds is voortgekomen. Maar nominaties en prijzen vertellen me doorgaans niet of iets goed of slecht is. Ik vond ooit een songfestivalliedje erg goed en het kreeg niet één stem. Ik bleef het desondanks een top-lied vinden.

Bedenk dat wedstrijdorganisaties vaak de grote winnaars zijn. Bijna elke deelname kost geld. Een etaleur moet je echter ook betalen, vandaar dat ik er zo nu en dan in investeer.

Luister naar je buikgevoel als je naar kunst kijkt. Oordeel zelf. Anderen hoeven je niet te vertellen of iets goed is, want een werk moet je raken. Dan weet je genoeg. Dat is de kunst.

\

 

803, 2019

Internationale vrouwendag 8 maart 2019

maart 8th, 2019|1 Comment

Geen idee welk zelfportret ik zal posten om te laten merken dat ik weet dat het vandaag internationale vrouwendag is. Met elk zelfportret dat ik maak vier ik immers mijn vrouw-zijn. Zelfs elke dag vier ik mijn vrouw-zijn. Sterker nog, ook op de dagen dat ik er alleen voor stond als moeder vierde ik mijn vrouw-zijn; mijn vrouwelijke én mannelijke krachten gebundeld in één mens, door twee X-chromosomen toevallig een vrouw.
Het is eigenlijk vreemd dat internationale vrouwendag bestaat. We zijn van ver gekomen, maar hebben nog een lang weg te gaan voordat we vrouwendag kunnen schrappen. Het zal nog een tijd duren voor we het als vanzelfsprekend beschouwen dat we allemaal gelijkwaardige mensen zijn.
Tot die dag blijf ik aandacht schenken aan internationale vrouwendag en herdenk ik de heldinnen die zich op uitzonderlijke wijze hebben ingezet voor de rechten van de vrouw, voor gelijkheid, voor hun medemens. Maar ik herdenk ook de helden die hiervoor hebben gestreden, want die mogen we net zo min vergeten.
Zolang het nodig is, zolang gelijkheid nog niet is bereikt, vier ik op 8 maart mijn vrouw-zijn nadrukkelijker dan op alle andere dagen van het jaar.
Wees solidair, vier samen.


2702, 2019

Levenslang

februari 27th, 2019|1 Comment

Zijn hand ligt beschermend onder mijn kin. Ik zit op de grond aan zijn voeten. Hij ziet er breekbaar uit in zijn rolstoel. Zijn ene been is net uit het gips.
‘Volgende week word ik zesennegentig jaar,’ zegt hij. ‘Wie had dat gedacht?’
‘Ik ben er blij mee,’ antwoord ik.
‘Ik wil nog wel een paar jaar,’ zegt hij tot mijn verrassing. Tot voor kort had ik het idee dat hij het welletjes vond.
‘Voor ons of voor jezelf?’, vraag ik.
‘Nou, zoals het nu gaat….’ Zijn antwoord zweeft in de ruimte. Ik concludeer dat hij niet alleen voor ons leeft, maar ook voor zichzelf. Gelukkig. Stiekem denk ik dat hij langer wil leven in de hoop dat het meningsverschil binnen onze familie tegen het einde van zijn tijd is opgelost. Ik ben sceptisch, ook al was ik lang van goede wil. In gedachte hoor ik de anderen smalend lachen als ze dit lezen. Misschien vergis ik me. Ik mag immers niet invullen voor anderen.

‘Binnenkort veranderen er een paar dingen,’ vertel ik mijn vader. Zonder al te zeer in detail te treden, leg ik hem uit dat hij zich geen zorgen over me hoeft te maken. Nu niet en in de toekomst niet.
‘Ik maak me geen zorgen,’ verzekert hij me. Hij put kracht uit zijn dagelijks gebed.

Als moeder van drie kinderen weet ik echter dat ouderschap ‘levenslang’ betekent. Met dat woord beschrijft mijn buurvrouw het ouderschap. Dat heeft een negatieve connotatie. Zo is het echter niet bedoeld. Het is een feit, een verantwoordelijkheid. Als ouder blijf je levenslang bezorgd om je kinderen. Mijn vader dus ook. Misschien wel dubbel zoveel, omdat mijn moeder er al heel lang niet meer is. Hij probeert dat gemis voor ons te compenseren. Dat lukt hem overigens goed.

Ik leg mijn hoofd op zijn knie. We kijken elkaar aan. Het is gek dat je elkaar zo lang kent en toch niet voor de volle honderd procent, ongeacht hoe diep je elkaar ook in de ogen kijkt. Ik beleef in stilte het moment en voel zijn kromme vingers op mijn hoofd. Ik sluit kort mijn ogen, daarna kus ik hem gedag en vertrek. Emotioneel uitgeput. Niet alleen verdriet, ook geluk kan een mens slopen. Vandaag ervaar ik beide.

Ik laat mijn moe hoofd op liefs schouder zakken. Van knie naar schouder. Van man naar man. Verschillende soorten liefde. Via de spiegel in de lift kijken we elkaar aan. Ik zie er afgepeigerd uit. Hij kijkt bezorgd. Hem ken ik ook niet honderd procent. Misschien is het wel goed als er iets te raden over blijft.

Toen we net verkering hadden, zei zijn (inmiddels vijfennegentigjarige) moeder tegen me: ‘Beloof je me dat je goed voor hem zorgt? Dan mag je hem hebben.’ Volmondig zei ik ‘ja’ en vanaf het begin voeg ik de daad bij het woord. Zijn moeder en ik lachen er samen vaak om. We plagen hem en zeggen dat hij niet alleen vroeger, maar ook nu nog steeds wordt verwend.

Levenslang, zie je wel?

Via de spiegel werp ik een laatste blik op liefs gezicht. Daarna sluit ik mijn ogen. Mij kan niets gebeuren, er wordt veel van me gehouden, zelfs over de grens van levenslang.

The prodigal daughter (self-portrait with my father)

1102, 2019

Selenauten van de liefde

februari 11th, 2019|4 Comments

Slaperige ogen kijken me aan, maar hebben zo te zien iets heel anders op hun netvlies staan. Ze kijken me aan zonder me te zien. Ze kijken naar binnen.
‘We waren op de maan. Onze raket leek een luxe hotel. We bevonden ons helemaal bovenin. Op de maan was zwaartekracht, net als hier op aarde. Wij tweeën waren de eersten die er de liefde bedreven, net zoals Adam en Eva ooit op aarde.’
‘Hoefden we geen ruimtepakken aan?’ Als ik ons liefdesspel visualiseer, moet ik daarvoor details weten.
‘Nee, dat was niet nodig,’ reageert hij blij.
‘Leek onze kamer bovenin de raket op een penthouse?’
‘Ja, zo was het eigenlijk wel.’
‘Was de maan kaal?’
‘Ze zag eruit als in een Kuifje-verhaal,’ antwoordt hij.

Onmiddellijk ga ik mee in zijn droom van afgelopen nacht, ook al las ik geen Kuifje maar Suske & Wiske boeken. Hoe mooi zou het zijn om helemaal opnieuw te beginnen? Om geen verleden met me mee te dragen? Hoe fijn zou het zijn om de liefde voor het eerst te ontdekken, zonder afleidend randgebeuren? Op Wikipedia worden wij tweeën in de toekomst ongetwijfeld als eerste selenauten van de liefde vermeld.

De telefoon gaat. Papa belt en vertelt dat hij nog steeds bidt voor mijn geluk. Als ik hem geruststel en zeg dat ik best gelukkig ben, antwoordt hij dat bidden voor mijn geluk geen kwaad kan. Dat is zo. Te veel gebed voor mijn levensgeluk bestaat niet, zeker niet van mijn liefhebbende, bezorgde vader.
Hij vertelt ook dat hij nog steeds de drijfveer achter mijn werk probeert te analyseren. ‘Het gaat om naastenliefde,’ zegt hij. ‘Je stelt de toestand in de wereld aan de kaak. Het draait allemaal om liefde.’
Ik geef hem gelijk en voeg eraan toe dat veel mensen dit in mijn werk herkennen en ook uit mijn woorden destilleren.
‘Ja?’, vraagt hij hoopvol.

Terwijl ik mijn gedachten over liefde noteer, komt er een privé bericht binnen en ik lees: “…….Alleen het gedoe met de foto’s van je vader lijkt me erg pijnlijk. Zo wat ik heb gelezen in je blogs. Ik kan me voorstellen dat je daar erg verdrietig en teleurgesteld in bent!! Maar ik weet dat je zielsveel van je vader houdt en dat het allemaal liefde is!! Jouw liefde voor hem! Ik vind de blogs prachtig. Ik vind het erg jammer dat ik je liefde voor je vader niet meer kan lezen……”

Inderdaad. Waarom zou ik daarover niet mogen schrijven? Mijn vader begrijpt mijn werk grotendeels. Anderen begrijpen het vaak ook wel. En al begreep niemand me! Wat dan nog?!
Fuck degenen die iets anders lezen uit de verhalen over mijn vader en me mijn vrijheid van meningsuiting proberen af te pakken door te zeggen dat ik een narcist ben. Screw degenen die tevens mijn vader proberen te hersenspoelen door te vertellen dat ik niet goed snik ben.
Hopelijk bezwijkt hij niet onder de druk.

Het valt niet mee om het spiegeltje aan de wand te zijn.
Ik laat me mijn mond niet snoeren. Nee, mijn mond is om te praten, van me af te bijten, te proeven, te zingen, te lachen en om de liefde te bedrijven.
Je komt net binnen als ik deze laatste woorden opschrijf en ik geef je een zoen met open mond en gesloten ogen. We zijn weer op de maan net als vannacht.

 
Note:
Op internet las ik: “Er zijn dus eigenlijk 2 manen. De fysieke droge maan die aan de hemel staat en als tweede, de maan die vrouwelijke energie vertegenwoordigt en invloed uitoefent op ons gevoelsleven.”

3001, 2019

Power

januari 30th, 2019|0 Comments

Op sommige momenten vergeet ik bijna hoe sterk en lenig mijn geest is.
Gisteren ontving ik een treffende tekst en wist ik het weer.
 
“Lilith tells us to take back our power: She calls to us to stand in our truth, embracing our darkness and our light equally. She tells us to stop playing small and being afraid of burning too passionately for worry of being misunderstood in the eyes of others. Our fire is not for them, she tells us. It is for us. We’re not here to be the sacrifice; we’re here to set the world on fire.”
 

~Ara “Embracing Lilith” 

Sucker (self-portrait)

 

2801, 2019

Het oog van de liefde

januari 28th, 2019|4 Comments

Verdriet en pijn slaan kraters in mijn binnenste. Met lichaamstaal en gesproken woorden trachten ze me te vernietigen. Volgens hen ben ik iemand waarvoor een professionele handleiding nodig is.

Ik las dat mensen sterk kunnen reageren op kanten van een ander die ze bij zichzelf onderdrukken. Is dat een vorm van jaloezie? Zijn ze afgunstig omdat de ander wél die kanten durft te onderzoeken en te laten zien? Zijn ze gefrustreerd en gevangen in hun eigen bekrompen leven? Is dat het excuus voor hun aanval op mij? Verklaren ze mij zonder enige deskundige kennis geestesziek, omdat mijn oprechte manier van leven hun verstand te boven gaat?

Weet je, op dit moment interesseert me dat helemaal niets. Jouw hand ligt op mijn billen. Ooit, heel lang geleden – ik was nog een kind – zag ik een fragment op televisie waarbij een man en een vrouw naast elkaar op een balkon stonden. Ze leunden samen tegen de balustrade. Als ik me goed herinner had ze hem net verteld dat ze zwanger was. Hij stak zijn arm zijdelings uit om een hand op haar borst te leggen, om te voelen of haar borst was gezwollen dankzij het nieuwe leven in haar buik. De vanzelfsprekendheid van dit vertrouwelijk gebaar raakte me diep. Als kind had ik nog nooit zoiets gezien.

Het is wonderbaarlijk, dat ik dit vertrouwen nu zelf heb gevonden, na wat voor mijn gevoel een onbewuste zoektocht van meer dan honderd jaar leek. De vanzelfsprekendheid van jouw over mijn lijf geslagen been in de nacht; jouw hand die me voortdurend onbewust zoekt en vindt terwijl je slaapt. Het doet goed te voelen dat je blijkbaar naar me verlangt. Ik heb nooit eerder ervaren dat een man me op deze manier nodig had. Ik was er om klusjes te doen, om te zorgen voor gerieflijkheid en als leuke accessoire. Ons verlangen naar elkaar is simpelweg liefde. Jij komt voor me op als anderen dreigen me pijn te doen. Dat is essentieel voor mij. Zo zit ik zelf ook in elkaar. Ik hou van jou. Ook daarom.

Ik voel jouw lichaam tegen het mijne, huid tegen huid. Mijn vingers lezen de fijne haartjes op jouw arm alsof ze in braille staan geschreven. Ik inhaleer jouw adem en luister naar je. Als ik me omdraai, verplaatst jouw hand zich naar mijn heup. Met gesloten ogen probeer ik ons lichaamscontact optimaal te ervaren en tot me te laten doordringen. Liefde sijpelt door al mijn poriën naar binnen. Waar zojuist binnenin mij nog grote leegte was, wordt het warm. Ik kan niet slapen. Ik wil niet slapen. Ik wil de lava voelen die niet naar buiten maar juist naar binnen stroomt en me verwarmt. Afgekoelde lava is na geruime tijd zeer vruchtbaar.

Ik wil vol zijn van liefde, zo vol dat ik overstroom en nog meer liefde kan geven dan al ik doe. Liefde en geen boosheid. Soms dreig ik mezelf te verliezen dankzij de wrede uitholling van mijn binnenste door mensen die me na aan het hart liggen. Jouw liefde vult de gaten weer op en maakt me sterk. Ik weiger te transformeren in diegene waarvan ze beweren dat ik die ben. Het zou voor hen zoveel makkelijker zijn om gelijk te krijgen. Ze werpen een grote stofwolk op om mij te bezoedelen en tegelijkertijd hun eigen tekortkomingen te maskeren. Ze schuwen hersenspoeling niet.

Ze doen maar. Ik ben soms heel verdrietig, maar niet bang. Ik vertrouw er blindelings op dat het oog van de liefde ziet wie ik werkelijk ben, zelfs slapend in de donkere nacht.

The sleeper (self-portrait)

 

2101, 2019

Vrije wereld versus muffe doos

januari 21st, 2019|5 Comments

Chicken wings. Afgehakte vleugels smaakvol bereid. Of nee, een paar blote kippen in een braadslee. Zulke beelden verschijnen op mijn netvlies terwijl ik bij mijn vader ben.

Een tijd geleden hebben ze me geleewiekt. Ik ben een meisje van het platteland. Daardoor weet ik gelukkig dat als een stuk van de tweede vleugel wordt afgesneden, de gekortwiekte vogel vervolgens weer kan vliegen. Om balans te creëren heb ik zelf dat tweede stukje geamputeerd, zodat ik mijn ietwat kortere vleugels opnieuw kon uitslaan.

‘Je moet maar niet meer over me schrijven,’ zegt mijn vader. ‘Ze weten toch wel dat je van me houdt.’

Mijn hart staat stil. Je zou verwachten dat op zo’n moment het bloed in mijn aderen bevriest, maar het begint te koken. Mijn ogen worden vochtig. Tranen blijven binnenboord. Het is ze gelukt, het vuile addergebroed dat met gespleten tong over me spreekt.

‘Ze hebben iets heel smerigs over je gezegd,’ vervolgt mijn vader zichtbaar aangedaan.

‘Wie dan? Wat dan?’ De eerste vraag hoeft hij eigenlijk niet te beantwoorden.

‘Ik heb het woord opgezocht in het woordenboek, omdat ik niet wist wat het betekent. Ze noemen je een narcist.’ Met tranen in zijn ogen kijkt hij me aan.

Ik een narcist? Als ze hiervoor afgaan op de zelfportretten die ik maak, vermoed ik dat veel mensen in deze hoogtijdagen van de selfie tot die categorie behoren. Waarop zouden ze hun veroordeling anders baseren? Ik was jarenlang een alleenstaande moeder van drie kinderen die probeerde te overleven. Vind je het gek dat mijn focus soms iets meer op mezelf en mijn gezin lag dan op de buitenwereld? Blijkbaar hebben de lasteraars mijn angst nooit begrepen. Ze hebben levend in hun kortzichtige wereld deze beklemming zelf nooit ervaren. Iets anders kan ik niet bedenken om hun gedachtegang proberen te volgen.

Opeens voel ik me ontzettend eenzaam, een mens zonder context. Weet je dat ik op dit moment de antwoorden op de stippellijntjes hieronder niet kan invullen?

Dochter van ………..
Zus van ……….
Petekind van ……….
Partner van ……….
Buurvrouw van ……….

Waarom niet? Omdat anderen om diverse redenen niet willen dat ik naar buiten treed als degene die ik ben. Ik houd mijn hele leven al meer rekening met de wensen van anderen dan met die van mezelf en dat verstikt me. Het maakt me razend.

Gelukkig kan ik nog wel invullen:
Moeder van ……….
Maar ik ben toch meer dan dat?

Ik denk aan ‘The Walk of Shame’ uit ‘Game of Thrones’. Een scène die overbodig lang duurde in mijn beleving. Ruim zes minuten of zo. Ik ben absoluut geen fan van ‘Game of Thrones’, onder andere vanwege de vrouwonvriendelijkheid en de mijns inziens overbodige seksscènes. Seks is geld. Toch denk ik nu  aan ‘The Walk of Shame’ waarbij Cersei wordt gedwongen naakt over straat te lopen in een poging haar trots te breken. Ze houdt zich staande vanwege haar kinderen.

Het verhaal van mijn leven. Hoe lang moet een dergelijke scène duren om mensen te laten inzien wat ze elkaar aandoen? Voor de serie werd een body double gebruikt. Dat gaat helaas niet in mijn geval. Ik ben zelf degene die naakt en kwetsbaar wordt opgejaagd. Ik ga over de tong en nog wel over de gespleten tong.

Om te overleven moest jaren geleden het kind Henriëtte onderduiken en de oervrouw Lilith opstaan. Ik vermorzelde (in gedachte) menigeen tussen mijn dijen. Dat vertaalt zich in mijn werk, zoals in de serie ‘Woman is the pig of the world’, die twee jaar geleden gedeeltelijk te zien was bij CODA museum in Apeldoorn. Mijn vagina hing aan de muur. Niet omdat ik zo graag een museumkut wilde exposeren, nee, gewoon omdat ik zelf beslis wat ik van mezelf laat zien. Seks is niet alleen geld, maar ook macht. In een vagina ontstaat veel, zo niet de hele wereld. Heden ten dage worden nog steeds vrouwen gedwongen tot een ‘Walk of Shame’ bijvoorbeeld in India als ze worden gestenigd.

Ik heb het recht over mezelf te beslissen. Anderen hebben niet het recht mij hun wil op te leggen. En tóch proberen ze dat op laaghartige wijze, via emotionele chantage van mijn vader. Hij zit tussen twee vuren én wil me beschermen. Hij heeft mijn lijfsbehoud voor ogen als hij zegt dat ik maar niet meer over hem moet schrijven. Als ik niet meer over hem schrijf, loop ik minder kans op beschimping door jaloerse mensen die in een muffe doos leven. Een doos waarin vermoedelijk voorheen inmiddels verboden landbouwgif werd verkocht. Achtergebleven sporen van gif benevelen hun verstand. Vanuit hun doos overdekken ze mij met pek en veren.

Veren? Vleugels bestaan uit veren. Kom maar op met die smeerzooi! Overdek me maar! Uit pek en veren laat ik nieuwe vleugels groeien, sterker dan ooit tevoren.

Ik schrijf voorlopig niet meer over mijn vader, omdat ik hem in bescherming neem. Ik schrijf niet meer over hem uit respect voor zijn wens, uit een immense liefde die jullie lasteraars nooit zullen begrijpen, net zo min als jullie mijn enorme angst ooit hebben begrepen. Jullie begrijpen helemaal niets van mij.

In gedachte trap ik tegen de muffe doos en hoor het addergebroed binnenin boosaardig sissen. Ik trap nog een keer om goed tot hen te laten doordringen dat zij binnenin die doos leven en ik trots buiten in de vrije wereld sta.

1401, 2019

Is liefde verlangen naar het onmogelijke?

januari 14th, 2019|7 Comments

Door het dakraam zie ik wolken voorbij drijven. De een sneller dan de ander. Opeens klikken twee wolkenpartijen onopvallend in elkaar, als twee continenten die oorspronkelijk bij elkaar hoorden. Als werelddelen die zich ooit hebben gesplitst en elkaar na een eeuwigheid hebben teruggevonden. In hetzelfde tempo schuift mijn lichaam tegen het jouwe in het grote ronde bad.

We klikken naadloos in elkaar.

In de verte zingt Elvis Costello: ‘This house is empty now’. Ik herken zijn verlangen en eenzaamheid. Het liedje dat ik schrijf, verloopt echter achterstevoren. Mijn huis is nu vol, maar was lang leeg. De liefde heeft ons gevonden en samengebracht. We waren niet op zoek. Het verleden doet desondanks pijn. Waar was jij al die tijd? Waar was ik? Het gemis uit het verleden draag ik met me mee. Soms verzwelgt het me. Ik ben dankbaar dat we elkaar nu hebben ontmoet, maar verdrietig omdat ik je niet eerder heb gekend.

Verdriet duurt eeuwig, geluk is eindig.

Mijn hand beroert zacht jouw lichaam. Jij slaapt. Ik zing mijn stil lied: ‘Ik wil alle vrouwen zijn. Alle vrouwen die je ooit hebt begeerd, waarmee je ooit hebt verkeerd. Alle vrouwen uit het verleden, toen maar ook nu in het heden. Ik wil jouw oude liefdes zijn, vlak nadat ze waren ontloken, voordat ze werden verbroken. Ik wil al jouw oude liefdes zijn, maar niet het verdriet of de pijn. Ik wil voor onbepaalde termijn jouw enige liefde zijn.’

Dringen mijn geluidloze woorden door ons permeabel membraan? Hoor je mij?

Buiten wordt het donker. De wolken verdwijnen uit beeld. Daarvoor in de plaats worden onze lichamen weerspiegeld in het raam. Ik heb sterke spieren, maar een zachte toplaag. Jouw huid tegen de mijne voelt plaatselijk net zo zacht. Als je had geweten dat de liefde ons ooit zou vinden, dan had jij jezelf tijdelijk laten invriezen, zei je ooit. Je bent een beetje ouder dan ik, je hebt een voorsprong. Je zou de tijd voor jezelf hebben stilgezet als je had geweten dat ik bestond. Je zou op me hebben gewacht.

Is liefde verlangen naar het onmogelijke?

In stilte ervaar ik ons lichamelijk contact. Het water dampt nog steeds een beetje, waardoor zich condens tegen het dakraam vormt. Nadat eerst de wolken waren verdwenen, worden wij nu ook langzaam onzichtbaar. In het dakraam lijken we één lichaam omgeven door één huid. “Werelddelen zijn altijd in beweging. Continenten gaan uit elkaar, komen weer samen, produceren kleinere continentjes, maken zich los van elkaar en voegen zich bij andere continenten.” Daaraan wil ik niet denken.

Voor nu stelt het me gerust ons samen via het dakraam in een mistige oneindigheid te zien verdwijnen. Onze liefde is groter dan verleden, heden en toekomst. Onze liefde overstijgt tijd.

901, 2019

Papa en ik

januari 9th, 2019|8 Comments

Een tijd geleden kwam me ter ore dat sommige mensen mijn selfies met mijn vader niet begrijpen. Net alsof ik ergens mee koketteer, waarop ik geen recht heb. Dat onbegrip, afkomstig van een of meerdere naasten, raakte me zeer.

Regelmatig worden mijn zelfportretten niet begrepen. Dat kan me niets schelen. Maar dat een foto van mijn vader en mij verkeerd wordt geïnterpreteerd door mensen die me na aan het hart liggen en dat er door diegenen een verkeerde lading aan wordt gegeven, doet pijn. Dat betekent dat diegenen me slecht kennen, zelfs na al die jaren, en dat stelt teleur.

Ik zal het proberen uit te leggen. Ik ken heel goed het verschil tussen een goede en een slechte vader. Mijn vader is goed. De verwekker van mijn drie kinderen mag volgens mij het predicaat ‘vader’ niet dragen, aangezien hij op geen enkele manier voor ze zorgt. Ze ontvangen liefde, tijd noch geld van hem. Ik ben iemand die het positieve probeert te benadrukken in plaats van te fulmineren over het negatieve. Verdriet relativeer ik vaak met humor. Regelmatig krijg ik complimenten voor de humor in mijn werk. Kijk eens heel goed naar sommige foto’s, er is vaak meer te zien als je ervoor openstaat.

Elke foto die ik van mijn vader maak, is een eerbetoon, een bewijs van onze wederzijdse liefde. Tevens een bewijs van mijn dankbaarheid en trots. Vanzelfsprekend heeft mijn vader steken laten vallen, net als iedere andere ouder en net als ikzelf in de opvoeding van mijn kinderen. Hij heeft er een paar keer iets over gezegd tegen mij. Telkens als hij dat doet, breekt mijn hart. Het doet goed dat hij het uitspreekt, maar toch is het eigenlijk niet nodig. Alles is te verklaren met liefde. Hij hield zoveel van mij, dat hij me koste wat kost wilde beschermen en me daarom niet voldoende vrijheid gaf om bijvoorbeeld danseres te worden of om te gaan studeren. Het was niet makkelijk voor mij in die tijd, maar daar kan ik nu toch niet meer boos over zijn? Hij houdt nog steeds onvoorwaardelijk van mij, terwijl hij vast niet alles begrijpt van wat ik doe en hoe ik leef. Hij steunt me en probeert zich in mij te verplaatsen en daarmee geeft hij me nu wel alle vrijheid. Toen ik lang geleden met mijn zelfportret ‘Banquet’ (naakt met varkenskop naast me op tafel) in de krant stond, spraken de mensen uit het dorp hem erop aan. Ik had hem nooit de achterliggende gedachte van die foto verteld. Hij antwoordde: ‘Dit zelfportret gaat over de positie van de vrouw in de hedendaagse maatschappij.’ Spijker op z’n kop, papa. In mijn boek ‘A house is not a home’ heb ik als ondertitel erbij staan: ‘Being flesh and blood doesn’t automatically imply being a piece of meat.’

Mijn papa staat op foto’s – al dan niet samen met mij –  tussen mijn naakt- en andere portretten. Is dat het wat anderen niet begrijpen en wat hen stoort? Mijn werk is mijn dagboek. Soms ben ik bloot en soms ben ik aangekleed. Soms ga ik bij papa op bezoek en soms ben ik thuis. Zo gaat dat in het dagelijks leven en dus ook op mijn zelfportretten. Ik ben bloot geboren en papa hield me na mijn geboorte meteen vast. Volgens hem kwam ik lachend ter wereld. Hij kijkt verder dan het oppervlakkige  vlees.

In de Hermitage in Amsterdam las ik vorige week: ‘De Grieken associeerden naaktheid met heroïek, triomf en morele excellentie. Naakt ging om schoonheid, niet om seksualiteit.’ Ook las ik daar: ‘Wist u dat na de oudheid naakt werd gezien als zondig? Heiligen werden wel halfnaakt afgebeeld, waarbij hun naaktheid stond voor een geestelijk gezuiverd lichaam.’ Stof tot nadenken, lijkt me zo.

Elke foto maak ik met zuivere intenties, dus ook de portretten van mijn vader. De laatste keer dat ik bij hem langs ging, was hij een beetje ziek. Hij zag er breekbaar uit. Zijn humeur en gevoel voor humor hadden er niet onder te lijden. Wéér een reden om trots op mijn vader te zijn. Tevens een reden om een foto van hem te maken. Door zijn kwetsbaarheid toont hij zijn kracht. Papa en ik hebben veel raakvlakken.